Namibie verslag (Slot)

 

Namib Naukluft Park100_3390.JPG

We verlaten Swakopmund na drie dagen met gemengde gevoelens. We hebben er lekker uit de wind in een huisje gezeten, de auto is weer redelijk stofvrij, alle kleren gewassen en de schoongemaakte koelkast is weer gevuld. Maar verder viel het eigenlijk een beetje tegen: het was fris, winderig en het National Aquarium, waar we in een tunnel onder de haaien hadden willen lopen, was wegens renovatie gesloten. Ook wilden we in Walvis Bay een vaartocht maken, maar grote groepen duitsers hadden alle boten volgeboekt, dus ook dat ging niet door.
Wel hebben we een permit geregeld voor het Namib Naukluft Park en na 60 kilomter slaan we af van de doorgaande weg richting Gobabis en komen begin van de middag bij de Gobabib campsite aan. 100_3404.JPGDe woestijn is hier een golvende vlakte waar we aan de horizon het begin van de enorme zandduinen van de Namib woestijn kunnen zien. De campsite is de meest primitieve die we hebben gehad: rond een grote eenzame rotspartij zijn een stuk of 6 plekjes gemaakt met een vuurplek, wat schaduw door overhangende rotsen en een long-drop wc. We hebben zelf genoeg water bij ons en gebruiken nu ook de eerste keer onze ‘solarshower’: een zwarte waterzak die na twee uur in de zon te hebben gelegen heerlijk warm douchewater geeft. Elke campsite heeft tot nu toe wel ‘resident animals’ gehad, maar deze spant de kroon: een woestijnvosje die ondanks de afgelegen locatie niet erg schuw is. (lees: bijna het vlees van de BBQ afjat)
100_3401.JPG

Richting Sossusvlei

Solitaire is een inmiddels bekend bevoorradingspunt in deze verlaten hoek. Een tankstation met winkeltje en restaurant, veel meer is het niet. Strategisch gelegen stopt vrijwel elke reiziger hier wel even. Wij ook, om te tanken en te proberen aluminium folie te kopen want die is op en essentieel om te braaien. De man in het winkeltje is net zo weinig spraakzaam als de pompbediende, maar daarmee stopt de overeenkomst. Hij is niet chagrijnig, snapt wat we willen en als er geen rol folie in zijn winkel is loopt hij naar achter en zien we hoe hij in de keuken een flink vel van de rol daar afhaalt en netjes opvouwt. En we mogen er niets voor betalen.

I100_3426.JPGn Swakopmund bleek dat de campsite bij Sossusvlei al volgeboekt is. Daarom moeten we nu buiten het park een campsite zoeken en kunnen we daarna ook pas bij zonsopkomst het park in. Doordat we een lus nog zuidelijker richting Luderitz hebben geschrapt hebben we wel alle tijd om iets leuk te zoeken en op het gemakje een goed moment uit te kiezen om de Sossusvlei te gaan bekijken.
Dus als we 80 km voor Sesriem een leuke guestfarm/campsite zien gaan we daar staan. Het is een heerlijk plekje, goed sanitair, een klein zwembad en bovendien kan je op het terrein van de farm ook prima wandelen. Dat laatste is er deze reis eigenlijk een beetje bij ingeschoten zodat we besluiten twee dagen te blijven staan en de koele morgen te gebruiken voor een wandeling.
We zijn vroeg op pad en lopen een uurtje of drie rond over de vlakte met lage struiken en kleine boompjes, door rivierbeddingen en…. tussen de kuddes Koedoes en Springbokjes die wel wat schuwer zijn dan we gewend zijn. 100_3457.JPGAls een soort niet al te subtiele jagers proberen we de bokkies vanachter de struiken te benaderen. Mijn lichtblauwe Tshirt en nieuwe oranje rugzak helpen ook niet echt 🙂
Omdat het nog steeds veel te koel is voor de tijd van het jaar, willen we de volgende dag gewoon overdag naar Sossusvlei gaan en daar juist tot tegen de avond blijven (ipv van de gebruikelijke zeer vroege koele ochtend bezoeken). Die nacht barst er echter een storm los. Niet zomaar een beetje wind, maar zo erg dat we ons echt zorgen beginnen te maken dat de daktent het niet gaat overleven. Zand en stof gieren door de tent en we moeten op het uitklapgedeelte blijven liggen en zelfs dan komt de tent af en toe een decimeter omhoog. Straks worden we gesandwiched…
‘s Ochtends waait het nog steeds zo hard dat Hanneke op de ladder moet blijven staan terwijl ik de tent klaar maak om in te klappen.
100_3499.JPG

Sossusvlei

Eind van de ochtend komen we in een halve zandstorm in Sesriem, de entree van Sossusvlei. We lunchen wat in een zanderig restaurant en als we een permit willen halen wordt ons afgeraden vandaag de Sossusvlei te bezoeken omdat er door het stof en zand niks te zien is. Waren we nou gisteren maar gegaan. Maar goed, we hebben nog tijd om het morgen nog eens te proberen, maar de wind zorgt voor een ander ‘probleem’. We zien het namelijk niet zo zitten om te gaan kamperen met deze wind. We rijden een stuk verder op zoek naar een niet al te duur dak boven ons hoofd voor de nacht. Als we de tent niet op hoeven te zetten kunnen we ook vroeg weg en dus morgen een ochtendbezoek brengen… Bij de eerste lodge kost een overnachting slechts 300 Euro pp, maar dat is dan wel alles inclusief. Wij weer snel verder. Dan komen we bij de Desert Homestead. De echte gasten bungalows zijn allemaal bezet maar in de gidsen-huisjes is nog wel ruimte. Die zijn misschien wat kleiner en minder luxe, maar met een bed en een douche en schone handdoeken en 30 Euro pp is het precies wat we zoeken. Bovendien kan je hier paardrijden en Hanneke kan de verleiding niet weerstaan. Terwijl ik op de veranda van het restaurant van de prachtige omgeving geniet en de zon onder zie gaan, zit Hanneke op een paard in de woestijn en geniet van een echte Sundowner.

100_3533.JPGDie nacht waait het nog steeds zo hard dat we ondanks het solide huisje toch wat onrustig slapen. We staan om half 6 op en na een licht ontbijt en gewapend met een ‘zwaarder’ ontbijtpakket voor in de vlei, rijden we met de opkomende zon weer naar Sesriem. Het waait nog steeds maar aangezien de tijd op is kopen we een permit en rijden over een 60 km lange asfalt weg de vlei in. Langzaam veranderen de vlaktes om ons heen in steeds groter wordende zandduinen waarvan de afwaaiende kammen scherp afgetekend zijn door de lage zon. Het zicht wordt steeds minder. Het laatste stuk is een zanderig 4×4 pad. Niet echt moeilijk maar een beetje tricky doordat er veel verkeer is en weinig zicht en je natuurlijk niet stil wil komen te staan. We stoppen daar waar mijn telefoon (gps/OpenStreetmap) vindt dat we moeten gaan lopen. Ongeveer op het moment dat we 20 minuten later de duin overklimmen naar ‘Deathvlei’ neemt de wind af en zien we plotseling weer de hele omgeving. Wat is Deathvlei/Sossusvlei eigenlijk? Kijk maar naar de foto’s. Eens in de zoveel jaar staat er wel eens water, maar meestal is het er droog en bloedheet.

IMG_0282.JPGIMG_0293.JPG

Inglourious Basters

Eind van de dag komen we een paar honder kilometer verderop terecht op het Garies Restcamp dat wordt gerund door Koosie. En Koosie zorgt voor een leuke laatste dag in de wildernis. Hij hoort tot de be

100_3574.JPG

volkingsgroep van de zogenaamd Basters, een bevolkingsgroep die vooral in de buurt van Rehoboth woont. (meer info:http://www.namibia-1on1.com/a-central/rehoboth-basters.html. Ze zijn niet wit en niet zwart en werden dus vroeger toen Namibië een blanke regering had maar ook nu niet echt serieus genomen. Koosie kletst er aardig op los en is ook erg geïnteresseerd in Nederland(ers). Het blijft voor Namibiers onbegrijpelijk hoe je met een 8 keer zo grote bevolking als Namibië kan wonen in een land dat maar zo groot is als Etosha National Park.
Zijn restcamp is schoon, heeft alles wat nodig is en er is zeker aandacht aan besteed, maar bestaat voor 90% uit hergebruikte materialen waardoor het er nogal bij elkaar geraapt uitziet. Dat de heetwaterleiding van de douches bezwijkt onder de druk van zijn zelfgemaakt open-vuur boiler zonder overdruk ventiel is ook niet helemaal verrassend. ‘s Morgens neemt hij ons mee in zijn (erg) oude Landcruiser om wat Bushman rotsgraveringen te bekijken en aan het begin van de middag zijn we weer onderweg voor de laatste kilometers.

Windhoek

Eind van de dag landen we op Monteiry camping vlak bij Windhoek. Een van de tuinmannen gaat even mee als gids om bier te halen in een van de lokale Shebeens. 0,75 liters die door onze Engel koelkast snel op een drinkbare temperatuur wordt gebracht. Op gepaste (lees: bourgondische) wijze vieren we onze laatste kampeerdag, deze keer met een langharige kat als resident animal. En een behoorlijk heftige onweersbui (met de eerste regen deze reis) die ons uit de slaap houdt.
De volgende morgen kunnen we Kashima B&B probleemloos vinden en laden de auto uit. ‘s Middags brengen we hem terug naar Budget die hem zonder problemen en al te veel na te kijken weer innemen. Wij lopen de stad in om nog wat souvenirs te kopen en getuige te zijn100_3583.JPG van de eerste echte regenval in 231 dagen in Windhoek. Als we een paar uur later na een lekker diner weer naar Kashima gaan is er van de tropische bui al nauwelijks meer iets terug te zien. Het vliegtuig vertrekt netjes op tijd en ook de aansluiting op Johannesburg gaat soepel. Daar zitten we klaar voor vertrek als de gezagsvoerder meld dat ze een verschil van mening hebben met de computer en besloten hebben nog wat extra kerosine aan boord te nemen. Uiteindelijk vertrekken we met ruim een uur vertraging waarvan een klein half uur is goedgemaakt als we op Heathrow op een uithoek van Terminal 1 parkeren en we precies een uur hebben om onze aansluiting te halen. We zitten achter in het vliegtuig en komen met de laatste bus aan bij de terminal waar we de bus nemen naar terminal 5 waar ons vliegtuig naar Schiphol vertrekt. Dat is een tochtje van een minuut of 15 en samen met een nogal uitgebreide toegangscontrole zorgt ervoor dat we precies door kunnen lopen de laatste bus naar en ons vliegtuig in. Twee uur later op schiphol zijn we dan ook verbaasd te ontdekken dat 3 van de 4 stukken bagage het vliegtuig ook gehaald hebben.

De vierde tas wordt de volgende dag netjes thuisbezorgd.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *